Veelgestelde vragen

Hieronder de meest gestelde vragen op een rij:

kindermishandeling

Iedereen die vermoedt dat een kind mishandeld wordt, kan daarover contact opnemen met het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling (AMK). U kunt bellen met 0900 – 123 123 0.
De medewerker van het AMK zal een aantal zaken met u bespreken. Bijvoorbeeld waarom u dat vermoedt en hoe lang u dat al denkt. Ook zal hij of zij u vragen of u zelf nog iets aan deze situatie kunt doen. Zoals in gesprek gaan met uw buren. Als dat niet mogelijk is, en de situatie van uw buurmeisje is zorgelijk, zal het AMK uw melding aannemen.

Professionals

U krijgt als verwijzer altijd van ons te horen wat het resultaat van de aanmelding is, tenzij de cliënt daar geen toestemming voor geeft. Ook als de cliënt zich niet bij ons meldt na uw aanmelding nemen we contact met u op, om samen met u te proberen de jongere alsnog naar de hulpverlening toe te leiden. Wij mogen i.v.m. de privacywetgeving echter geen gedetailleerde informatie geven over de problematiek en de vervolgaanpak.  

Ja. U kunt telefonisch of schriftelijk uw mening geven, die dan wordt meegenomen in de analyse. U kunt ook vragen om bij het startgesprek aanwezig te zijn. Bijvoorbeeld als u vindt dat hulpverlening noodzakelijk is maar u vermoedt dat de cliënt onvoldoende gemotiveerd is. Of als de cliënt het eng vindt om de stap naar Bureau Jeugdzorg te maken. 

U kunt natuurlijk suggesties doen voor de hulp die gewenst lijkt. Welke hulp definitief geboden wordt, stellen we vast op basis van gesprekken met het gezin, waarin we de door u aangebrachte gegevens natuurlijk in de analyse betrekken.  

Wanneer u zich zorgen maakt over een kind, kunt u dat schriftelijk of online melden bij Bureau Jeugdzorg. Dat heet een zorgmelding. U kunt natuurlijk ook eerst bellen om de zorgmelding alvast te bespreken.

U moet uw zorgen wel eerst met de ouders bespreken. En tegen hen zeggen dat u contact met Bureau Jeugdzorg opneemt. In de zorgmelding omschrijft u zo uitgebreid mogelijk op welke gronden u zich zorgen maakt. Uiteraard is het ook belangrijk dat u als melder de juiste persoon- en adresgegevens van het kind doorgeeft.

Iedereen die vermoedt dat een kind mishandeld wordt, kan daarover contact opnemen met het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling (AMK). U kunt bellen met 0900 – 123 123 0.

De medewerker van het AMK zal een aantal zaken met u bespreken. Bijvoorbeeld waarom u dat vermoedt en hoe lang u dat al denkt. Ook zal hij of zij u vragen of u zelf nog iets aan deze situatie kunt doen. Zoals in gesprek gaan met uw buren. Als dat niet mogelijk is, en de situatie van uw buurmeisje is zorgelijk, zal het AMK uw melding aannemen.

Kindermishandeling is ‘elke vorm van voor een minderjarige bedreigende of gewelddadige interactie van fysieke, psychische of seksuele aard, die de ouders of andere personen ten opzichte van wie de minderjarige in een relatie van afhankelijkheid of van onvrijheid staat, actief of passief opdringen. Er wordt daardoor ernstige schade berokkend of dreigt te worden berokkend aan de minderjarige in de vorm van fysiek of psychisch letsel.’  

Ja, als u belt voor informatie, advies of overleg kunt u altijd vrijblijvend en anoniem bellen met Bureau Jeugdzorg.

Nee, als u een zorgmelding over een kind heeft, moet u de ouders van het kind hiervan op de hoogte stellen.

Als u een anonieme zorgmelding wilt doorgeven, kunt u contact opnemen met ons Advies- en Meldpunt Kindermishandeling (AMK). U moet uw naam wel opgeven, maar zij houden deze voor de betrokkenen geheim. 

Een kind kan zich vanaf 12 jaar zelf aanmelden bij Bureau Jeugdzorg. De ouders moeten hier dan wel van op de hoogte gesteld worden en toestemming geven voor de aanmelding.

Vanaf 16 jaar kan een kind zich ook zelfstandig aanmelden zonder toestemming van de ouders. 

Ja, u kunt ook bij Bureau Jeugdzorg terecht voor informatie, advies en/of overleg. Hiervoor kunt u bellen.
 

U kunt op de allereerste plaats uw zorgen bespreken met de ouders of opvoeders van het kind. Als dat niet mogelijk is, of u blijft zich zorgen maken, neem dan contact op met Bureau Jeugdzorg. 

Er is sprake van een crisis bij acute bedreiging van de lichamelijke en/of geestelijke gezondheid van een kind (of acute bedreiging van de omgeving, door toedoen van een kind). 

voogdij en ondertoezichtstelling

Geïndiceerde jeugdzorg is een verzamelnaam voor vormen van gespecialiseerde, intensieve jeugdzorg. Intensieve hulp aan huis, dagbehandeling, kamertraining en pleegzorg zijn vormen van geïndiceerde jeugdzorg. Maar er zijn meer vormen. Bureau Jeugdzorg verzorgt deze vormen van zorg niet zelf. Wij schakelen daar de instellingen voor Jeugd & Opvoedhulp voor in.

Een bijzondere vorm van geïndiceerde zorg is AWBZ-zorg. Voor meer informatie over AWBZ en Bureau Jeugdzorg, klik hier [link naar AWBZ voor professionals]

Elke cliënt krijgt een eigen vaste contactpersoon, de gezinsmanager, bij Bureau Jeugdzorg. Hij/zij analyseert de problematiek met de cliënt, stelt een diagnostisch beeld op en bepaalt welke zorg er nodig is. De gezinsmanager biedt ondersteuning op maat aan de cliënt tijdens het zorgtraject bij een aanbieder van de geïndiceerde jeugdzorg. De intensiteit van de ondersteuning wordt afgestemd op de behoeften van de cliënt.

De gezinsmanager:

Als er sprake is van een duidelijk vaststelbare psychiatrische stoornis bij een kind, waarbij deze stoornis het hoofdprobleem vormt, kan ook naar jeugd-GGZ verwezen worden via de huisarts. Een waarschuwing: soms speelt bij kinderen die 'vreemd gedrag' vertonen  bredere opvoedproblematiek en fungeert het kind als het ware de 'bliksemafleider' voor de problemen van een heel gezin. In dat geval kan een bredere blik op de gehele gezinssituatie een beter beeld geven.

Hulp wordt toegewezen voor een bepaalde periode. Hulp bij een crisis is in principe kortdurend (maximaal 3 maanden), overige hulptrajecten kunnen variëren van een half jaar tot een jaar of anderhalf jaar. Ook voor pleegzorg geldt dat de duur van een plaatsing heel sterk kan verschillen.   

Voor iedereen

In de regio Amsterdam bestaat de verwijsindex Matchpoint. Deze beveiligde database geeft voor betrokken professionals in één oogopslag weer welke instellingen en professionals hun zorg hebben geuit over dezelfde jongere en/of deze in behandeling hebben.

Matchpoint is streng beveiligd en alleen te gebruiken door geautoriseerde professionals

Na beëindiging van de hulpverlening wordt het dossier opgeborgen in het archief van Bureau Jeugdzorg. Het wordt tien jaar bewaard.

Voor dossiers die zijn aangelegd vanwege een ondertoezichtstelling, voogdij, bemoeienis van het Advies-en Meldpunt Kindermishandeling, hulpverlening bij zoekvragen, adoptie en het doen van afstand, kunnen andere bewaartermijnen gelden. Deze staan in het Privacyreglement. 

Het kan gebeuren dat er foute informatie in het dossier staat. Stuur dan een brief naar de medewerker van BJAA, met de vraag de gegevens te verbeteren, aan te vullen of te verwijderen.

Bureau Jeugdzorg geeft binnen vier weken antwoord of en in hoeverre wij aan het verzoek voldoen. 

Bureau Jeugdzorg mag zonder toestemming gegevens verstrekken aan personen of instanties die beroepshalve betrokken zijn bij de hulpverlening. Dit kan zowel in de voorbereidende fase zijn als in de uitvoering van de hulpverlening.

Voorbeelden: om een kind opgenomen te krijgen in een voorziening van jeugdzorg is een indicatie nodig. Daarom wordt de zaak intern besproken met deskundigen. Ook is het mogelijk om gegevens te verstrekken aan de Raad voor de Kinderbescherming als de verwachting is dat vrijwillige hulpverlening onvoldoende zal zijn en er meer onderzoek nodig is. 

  • Iedereen heeft recht op inzage in de eigen persoonsgegevens, maar er gelden wel regels.

  • Voor Kinderen en Jongeren

    Het is de bedoeling dat je zo snel mogelijk weer thuis gaat wonen. Lukt het maar niet om de situatie thuis voldoende te verbeteren, dan kan de uithuisplaatsing worden verlengd. Bureau Jeugdzorg vraagt dan aan de kinderrechter om een verlenging van de machtiging uithuisplaatsing.

    De kinderrechter wil ook dan weer horen wat jij en je ouders ervan vinden. Daarna neemt de kinderrechter een besluit: je mag – vaak met extra hulp – weer naar huis, of je moet nog ergens anders blijven wonen. 

    Als je het niet eens bent met de uithuisplaatsing, dan kan je dit – als je 12 jaar of ouder bent - aan de kinderrechter vertellen op de rechtszitting. Op deze zitting bespreekt de kinderrechter de uithuisplaatsing met je ouders en jou.  

    Als jij en je ouders vinden dat het weer beter gaat en jullie willen dat je weer naar huis mag, dan kun je dit met de medewerker van Bureau Jeugdzorg bespreken. Zijn jullie het oneens, dan kunnen jullie naar de kinderrechter.

    Als je belt krijg je een medewerker aan de lijn die je vragen kan beantwoorden. Samen bespreken jullie wat er moet gebeuren en wie jou kan helpen. Als blijkt dat Bureau Jeugdzorg je kan helpen, dan gaat iemand van het regiokantoor bij jou met jou regelen dat er hulp komt. Welke hulp dat is, is afhankelijk van je probleem. 

    Vanaf je 12e jaar mag je jezelf aanmelden bij Bureau Jeugdzorg. Je ouders moeten hier dan wel van op de hoogte gesteld worden en toestemming geven voor de aanmelding. Vanaf 16 jaar mag je jezelf aanmelden zonder toestemming van de ouders. 

    Als Bureau Jeugdzorg vindt dat de ondertoezichtstelling niet verlengd hoeft te worden, dan zeggen we dit tegen de Raad voor de Kinderbescherming. De Raad bekijkt of ze het moet ons eens zijn. Zo ja, dan kan de kinderrechter beslissen om de ondertoezichtstelling te stoppen.

    Jullie kunnen ook zelf aan de kinderrechter vragen om de ondertoezichtstelling te stoppen.  

    De ondertoezichtstelling stopt altijd als jij 18 jaar wordt.   

    Gaat het thuis na de eerste ondertoezichtstelling nog niet goed genoeg, dan vraagt Bureau Jeugdzorg om een verlenging van de ondertoezichtstelling. Wij schrijven dan een ‘verzoekschrift’ aan de kinderrechter. Ook jullie mening staat hierin opgeschreven. De kinderrechter beslist dan of hij een langere ots nodig vindt. 

    Een ondertoezichtstelling geldt meestal voor één jaar. Gaat het thuis eerder beter, dan kan de ondertoezichtstelling eerder stoppen. De kinderrechter beslist hier meetal over. Als iedereen (jullie zelf, Bureau Jeugdzorg en de Raad voor de Kinderbescherming) vindt dat het beter gaat, dan hoeft de kinderrechter geen uitspraak te doen. 

    Als de medewerker van Bureau Jeugdzorg vindt dat jij of je ouders niet goed meewerken, kan hij jullie een brief schrijven. In deze brief staat wat hij vindt dat jullie moeten doen. Dit heet dan een ‘schriftelijke aanwijzing’. Jullie moeten dan doen wat er in de brief staat. 

    Ja. Bij een ondertoezichtstelling blijven je ouders de baas. Je ouders moeten zorgen dat je te eten krijgt, naar school gaat, enz. 

    Voor ouders en opvoeders

    Het Persoonsgebonden Budget (PGB) is een vorm van AWBZ-zorg. Als u voor uw kind al een PGB via Bureau Jeugdzorg ontvangt, maar deze indicatie loopt bijna af, dan moet u een nieuw indicatiebesluit aanvragen. Dit noemen wij ook wel een "vervolgindicatie". Bij het aanvragen ervan kunt u gebruik maken van formulieren die wij op de website aanbieden. Voor deze formulieren en meer informatie over (het aanvragen van) AWBZ bij Bureau Jeugdzorg, ga naar:

    Het Persoonsgebonden Budget is een vorm van AWBZ-zorg. Voor het aanvragen van een indicatie voor AWBZ-zorg kunt u gebruik maken van formulieren die wij op onze site beschikbaar hebben gesteld. U kunt uiteraard ook contact opnemen met een medewerker van onze Centrale Aanmelding, zij kunnen u begeleiden bij het aanvragen van een indicatie. Voor meer informatie over (het aanvragen van) AWBZ bij Bureau Jeugdzorg, ga naar: LINK pagina

    Een AWBZ-indicatie kan niet verlengd worden. Er kan wel een nieuwe indicatie aangevraagd worden, die op de vorige aansluit, oftewel een vervolgindicatie. Dit kunt u doen door de betreffende formulieren die wij op onze site aanbieden in te vullen en ons toe te zenden.

    U kunt uiteraard ook contact opnemen met uw regiokantoor, om zo samen de vervolgindicatie-aanvraag te doen.

    Bij BJAA:

    • de jeugdige heeft een IQ van boven de 70 én psychiatrische problematiek

    Bij het CIZ:

    • de jeugdige is boven de 18 jaar
    • of de jeugdige is onder de 18 jaar en er is sprake van de volgende problematiek:
      • de jeugdige heeft chronische somatische (medische) problematiek
      • de jeugdige heeft een IQ van onder de 85 en/of gedragsproblemen
      • de jeugdige heeft een IQ van onder de 70 én psychiatrische problematiek 

    Als een kind/jongere kampt met psychiatrische problematiek én er is bij het kind/de jongere ook sprake van een andere handicap dan spreken we van een dubbele grondslag. Twijfel je of je te maken hebt met een dubbele grondslag? Neem dan vóór het verzenden van de aanvraag contact op met de afdeling AWBZ (of het CIZ). Wie van deze twee de aanvraag oppakt, hangt af van de dominante grondslag: staat de psychiatrische problematiek op de voorgrond of de bv. somatische problematiek. 

    • de gezaghebbende ouder
    • een kind/jongere boven de 12 jaar
    • de voogd (vanuit Bureau Jeugdzorg of WSG 

    Voorliggende zorg is hulpverlening die in voorliggend op de AWBZ zorg geboden moet zijn. AWBZ zorg dient ter aanvulling op de al eerder geboden zorg. Voorbeelden van voorliggende zorg zijn:

    • zorg geboden vanuit de wet op de jeugdzorg (hulp geïndiceerd door Bureau Jeugdzorg   vanuit de hulpverlening)
    • zorg geboden vanuit de GGZ (behandeling/training)
    • zorg geboden vanuit een REC IV indicatie (het rugzakje) 

    ZZP is de afkorting van Zorg Zwaarte Pakket. Een kind/jongere met een psychiatrische stoornis die langdurig verblijf nodig hebben, bijvoorbeeld begeleid wonen bij het RIBW, kunnen in aanmerking komen voor een ZZP indicatie. Bij een ZZP aanvraag dient een apart aanvraag formulier ingediend te worden waarbij vraag 38 t/m 54 door de behandelaar van een kind/jongere is ingevuld. Vergeet niet het toestemmingsformulier bij te voegen! Het formulier vindt je bij de documenten.  

    Als een kind/jongere (12+) het aanvraag formulier niet wil ondertekenen, kan de aanvraag niet in behandeling worden genomen. Het is wettelijk bepaald dat een kind/jongere boven de 12 jaar op de hoogte moet zijn van de aanvraag en hiervoor moet tekenen 

    Persoonsgebonden Budget (PGB) is het geldbedrag waarmee de cliënt (of de ouder(s) zelf zorg, hulp en begeleiding kan inkopen. Men kiest zelf de hulpverleners en begeleiders.
    Staat een cliënt onder voogdij van BJAA, dan beheert BJAA het budget.
    Bij Zorg in Natura (ZIN) betaalt het Zorgkantoor de rekening rechtstreeks aan de zorgaanbieder. De cliënt ontvangt dus geen geld om de zorg te betalen. De zorgvormen Verpleging, Verblijf en Behandeling kunnen alleen in natura verstrekt worden.

    • de jongere heeft een psychiatrische diagnose (bij voorkeur DSM IV)
    • de jongere heeft een TIQ van 85 of hoger (bij een dubbele grondslag kan ook een lager TIQ gelden; voor meer informatie kijk bij “wanneer moet ik een aanvraag bij BJAA indienen en wanneer moet ik naar het CIZ.”
    • de jongere is jonger dan 18 jaar (tenzij een kind/jongere tot een half jaar terug hulp ontvangen heeft vanuit Bureau Jeugdzorg dan wordt er tot aan de leeftijd van 23 jaar geïndiceerd)
    • de jongere verblijft in Nederland 

    De verschillende soorten hulp of zorg worden 'zorgfuncties' genoemd. Voor welke zorgfunctie(s) een kind/jongere in aanmerking komt, wordt bepaald door de indicatiesteller.

    De zorgfuncties:

    • Begeleiding individueel

    Bijvoorbeeld: Ondersteuning bieden in het bevorderen van de zelfredzaamheid, oefenen en laten beklijven van aangeleerde vaardigheden, ondersteunen bij het structureren en plannen, bieden van respijtzorg aan ouders.

    Het selecteren van pleegouders gebeurt niet door Bureau Jeugdzorg zelf. Bureau Jeugdzorg geeft alleen indicaties af voor kinderen die pleegzorg nodig hebben. Het plaatsen van kinderen bij pleeggezinnen en het selecteren en begeleiden van pleeggezinnen gebeurt door de zogeheten instellingen voor Jeugd & Opvoedhulp.

    Het is de bedoeling dat uw kind zo snel mogelijk weer bij u komt wonen. Als het niet lukt om de situatie thuis voldoende te verbeteren, dan kan de uithuisplaatsing worden verlengd. Bureau Jeugdzorg vraagt dan aan de kinderrechter om een verlenging van de machtiging uithuisplaatsing.
    De kinderrechter wil ook uw mening en die van uw kind weten. Als de kinderrechter vindt dat uw kind beter (nog) niet terug kan gaan naar huis, dan verlengt hij de machtiging uithuisplaatsing.

    Ook als uw kind uit huis is geplaatst, houdt u (in overleg met Bureau Jeugdzorg) contact met uw kind, tenzij er redenen zijn om het contact te beperken of niet toe te staan. Bureau Jeugdzorg beslist hierover. Als u het niet mee eens bent met deze omgangsregeling, dan kunt u hiertegen bezwaar maken bij de kinderrechter.

    Als u het niet eens bent met de uithuisplaatsing, dan kunt u dit aan de kinderrechter vertellen op de rechtszitting. Op deze zitting bespreekt de kinderrechter de uithuisplaatsing met u en – vanaf 12 jaar –  met uw kind. Als de kinderrechter het toch beter voor uw kind vindt dat hij uit huis geplaatst wordt, dan geeft de kinderrechter een machtiging af waarmee de jeugdbeschermer uw kind in een pleeggezin of in een tehuis kan plaatsen.
    Bent u het niet eens met het besluit van de kinderrechter, dan kunt u beroep aantekenen tegen het besluit.

    Als BJAA vindt dat de ondertoezichtstelling niet verlengd hoeft te worden, laat hij dit weten aan de Raad voor de Kinderbescherming. Als de Raad het niet eens is met dit besluit, kan ook de Raad aan de kinderrechter vragen om verlenging van de ondertoezichtstelling.

    Als u, als ouder, vindt dat de OTS kan stoppen omdat er dingen veranderd zijn, maar Bureau Jeugdzorg of de Raad vindt van niet, dan kunt u dit voorleggen aan de kinderrechter.  

    Als de situatie na dit jaar nog steeds niet in orde is, dan vraagt BJAA om een verlenging van de ondertoezichtstelling. Dit doen we met een verzoekschrift aan de kinderrechter. Ook nu wordt uw mening en die van uw kind – vanaf 12 jaar – vermeld in het ver zoekschrift. Ook als uw kind jonger is dan 12 jaar, kan de medewerker om zijn mening vragen. Deze hoeft niet in het verzoekschrift vermeld te worden, maar komt wél in het bijgevoegde verslag.

    Een ondertoezichtstelling wordt meestal voor één jaar uitgesproken. Is de situatie thuis eerder verbeterd, dan kan de ondertoezichtstelling eerder worden beëindigd. De kinderrechter beslist hierover.

    Als de medewerker van Bureau Jeugdzorg vindt dat u of uw kind niet voldoende meewerkt aan verbetering van de situatie, kan hij u of uw kind – vanaf 12 jaar – een schriftelijke aanwijzing geven. Dit is een brief waarin duidelijk staat wat u en uw kind moeten doen. U bent verplicht deze aanwijzing op te volgen, bijvoorbeeld ervoor te zorgen dat uw kind naar school gaat. Voordat de medewerker de aanwijzing geeft, zal hij dit altijd eerst met u bespreken.

    Veel mensen hebben vragen over hun ouderlijk gezag wanneer hun kind onder toezicht wordt gesteld. Bij ondertoezichtstelling bent en blijft u verantwoordelijk voor een goede opvoeding en verzorging van uw kind.

    Om misverstanden te voorkomen: ondertoezichtstelling is niet hetzelfde als voogdij. Bij het laatste is het gezag volledig overgedragen aan Bureau Jeugdzorg. Bij ondertoezichtstelling houdt u het gezag over uw kind en blijft u zélf verantwoordelijk voor de opvoeding, ook financieel.

    Het werk van Bureau Jeugdzorg zelf is voor cliënten gratis. Tijdens de gesprekken blijkt of specialistische hulp van andere organisaties nodig is. Afhankelijk van de leeftijd van het kind en de soort hulp, kan een bijdrage van de ouders worden gevraagd. Meer informatie hierover vind u op de website www.lbio.nl/ouderbijdragen. Wij informeren u altijd vooraf over eventuele kosten.

    Als u vindt dat een medewerker van Bureau Jeugdzorg u niet goed heeft behandeld, kunt u een klacht indienen bij de onafhankelijke Klachtencommissie. Meer informatie vindt u op de pagina Klachten. [link naar pagina klachten]

    Aan een indicatiebesluit van Bureau Jeugdzorg kan gedragsdeskundig of psychiatrisch onderzoek voorafgaan. Bureau Jeugdzorg beoordeelt de resultaten van dat onderzoek. Op grond van dat oordeel komt het indicatiebesluit tot stand.

    Bespreek uw bezwaar eerst met de medewerker van Bureau Jeugdzorg. In bepaalde gevallen kunt u bezwaar aantekenen bij de Bezwaarcommissie. Hoe u dit doet, kunt u navragen bij uw contactpersoon of via het algemene informatienummer.

    Een indicatiebesluit is een soort verwijsbrief van Bureau Jeugdzorg, waarmee iemand recht krijgt voor hulp bij een instantie voor jeugdzorg.

    Een ouder zonder gezag, die wel de juridische ouder is, kan belangrijke informatie krijgen met betrekking tot de jeugdige (als de informatie ook aan ouder met gezag zou worden verstrekt en het belang van de jeugdige hier niet mee geschaad wordt) ook als de gezaghebbende ouder/cliënt geen toestemming voor informatieverstrekking geeft.

    Als u alleen biologisch ouder bent (geen gezag, geen juridisch ouder) dan mag Bureau Jeugdzorg helaas geen gegevens aan u doorgeven en kunt u ook geen inzage krijgen in het dossier van uw kind.

    Ouders met gezag kunnen in principe het dossier van hun kind inzien. Dit mag echter alleen als de informatie in het dossier geen risico voor het kind oplevert. Meer hierover leest u op de pagina Privacy. [Link naar Privacy] 

    Geïndiceerde jeugdzorg is een verzamelnaam voor vormen van gespecialiseerde, intensieve jeugdzorg. Intensieve hulp aan huis, dagbehandeling, kamertraining en pleegzorg zijn vormen van geïndiceerde jeugdzorg. Maar er zijn meer vormen. Bureau Jeugdzorg verzorgt deze vormen van zorg niet zelf. Wij schakelen daar de instellingen voor Jeugd & Opvoedhulp voor in.

    Een bijzondere vorm van geïndiceerde zorg is AWBZ-zorg. Voor meer informatie over AWBZ en Bureau Jeugdzorg, klik hier [link naar AWBZ voor professionals]

    Hulp wordt toegewezen voor een bepaalde periode. Hulp bij een crisis is in principe kort (maximaal 3 maanden), overige hulptrajecten kunnen variëren van een half jaar tot een jaar of anderhalf jaar. Ook voor pleegzorg geldt dat de duur van een plaatsing heel sterk kan verschillen. 
     

    Iemand heeft een melding gedaan bij het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling (AMK), omdat hij of zij zich zorgen maakt over uw kinderen. Het AMK stelt een onderzoek in naar de situatie van uw kind(eren). Een gesprek met u, en eventueel met uw kinderen, maakt deel uit van dat onderzoek. Dan kunt u ook uw kant van het verhaal vertellen.

    Waarschijnlijk wilt u ook weten wie die melding heeft gedaan. Dat mag het AMK u niet altijd vertellen. Als uit het onderzoek blijkt dat de zorgen terecht zijn, zal het AMK u naar hulp verwijzen.

    Er zijn verschillende soorten jeugdzorg, namelijk:

    Vrij toegankelijke zorg: kortdurende zorg voor lichtere problemen en verkrijgbaar bij een groot aantal instellingen; bijvoorbeeld jonge moederzorg. Een voorbeeld is Algemeen Maatschappelijk Werk.

    Geïndiceerde zorg: Als Bureau Jeugdzorg constateert dat een kind, jongere of gezin specialistische zorg nodig heeft, wordt de benodigde zorg beschreven in een indicatiebesluit. Dit besluit geeft de cliënt recht op hulp. Een voorbeeld is Dagbehandeling of recht op een PersoonsGebonden Budget.

    Met zo min mogelijk. Bij een crisis wordt een gezin eerst geholpen door een medewerker van het crisisteam. Na de aanmelding of crisis is in principe is één medewerker van Bureau Jeugdzorg de vaste contactpersoon.

    Is er zorg nodig, dan krijgt een jongere bijvoorbeeld ook nog met een therapeut van een andere instelling te maken. 

    Een kind kan zich vanaf 12 jaar zelf aanmelden bij Bureau Jeugdzorg. De ouders moeten hier dan wel van op de hoogte gesteld worden en toestemming geven voor de aanmelding.

    Vanaf 16 jaar kan een kind zich ook zelfstandig aanmelden, zonder toestemming van de ouders. 

    Voor het aanvragen van een indicatie voor AWBZ-zorg kunt u gebruik maken van formulieren die wij op onze site beschikbaar hebben gesteld. U kunt uiteraard ook contact opnemen met een medewerker van onze afdeling AWBZ. Zij kunnen u begeleiden bij het aanvragen van een indicatie. Voor meer informatie over (het aanvragen van) AWBZ, kijkt op deze pagina. [link naar AWBZpagina] 

    Bureau Jeugdzorg is er niet voor de juridische kanten van echtscheiding. Daarvoor zijn advocaten. Maar als de opvoeding of verzorging van de eventuele kinderen ernstig gevaar loopt door de scheiding, dan kunnen wij in actie komen. 

    Binnen enkele dagen na een (aan)melding, nemen wij contact met u op voor een afspraak. Daarna volgt een aantal gesprekken met het gezin over wat er thuis goed en niet goed gaat. Ook kan informatie van bijvoorbeeld de school, politie of huisarts worden opgevraagd. Binnen zes tot acht weken moet vervolgens op papier staan wat het plan is.

    Is hulp (bijvoorbeeld therapie of begeleid wonen) nodig, dan kunnen daar wachtlijsten voor bestaan. Deze variëren van enkele weken tot een jaar. 

    Een Bureau Jeugdzorg komt in beeld als er sprake is van ernstige opvoedings- of opgroeiproblemen.

    Als het gaat om lichtere opvoedings- en opgroeivragen kunnen mensen terecht bij bijvoorbeeld het consultatiebureau, bij opvoedingsbureaus of bij het algemeen maatschappelijk werk.

    Veel mensen denken dat Bureau Jeugdzorg kinderen altijd weghaalt bij hun ouders. Dat is niet zo. Maar tien procent van onze klanten woont voor korte of langere tijd niet zijn/haar ouders. Kinderen hebben het recht om bij hun ouders te wonen, tenzij dat echt niet kan. 

    Als u nog nooit contact hebt gehad met Bureau Jeugdzorg en u wilt graag informatie, advies of hulp, dan kunt u bellen met het algemene nummer van Bureau Jeugdzorg. Ook als u al eerder contact heeft gehad, maar uw kind is nog niet aangemeld als cliënt, dan kunt hier terecht.

    Als u al cliënt bent bij Bureau Jeugdzorg of belt over iemand die al cliënt is, dan kunt u direct met de contactpersoon bellen of met het regiokantoor. Welk regiokantoor u kunt bellen, hangt af van uw woonplaats.